2016-02-03

4662 - 20160501 - BELGIË-SINT-AMANDS - Verhaeren-portretten van de Waalse kunstenaar Charles Bernier - 04.03.2016-01.05.2016

.

Charles Bernier - Verhaeren-portretten
 
Charles Bernier (Angre, 1871 – Angre, 1950) is een kunstenaar uit de streek van Le Haut-Pays in Henegouwen, die zich gedurende zijn hele leven heeft toegelegd op de graveerkunst. In navolging van de academische traditie kopieert hij aanvankelijk vooral de oude klassieke meesters (Frans Hals, Peter Paul Rubens, Anthony van Dyck, Jacob Jordaens, Rembrandt van Rijn), maar daarnaast legt hij zich ook toe op de portretkunst. Naast de traditionele familieportretten en de zelfportretten, maakt hij zo een hele reeks met zijn vrienden en met de personaliteiten uit de streek van de Borinage en Le Haut-Pays. Daarnaast begint hij zich ook toe te leggen op het maken van landschappen en rurale scènes in kleuretsen. Omstreeks de jaren 1900 is Bernier ongetwijfeld een succesvol kunstenaar. Hij neemt systematisch deel aan de grote officiële kunsttentoonstellingen: hij krijgt verschillende prijzen en medailles, wordt lid van de Société royale des aquafortistes belges, krijgt ook enkele prestigieuze opdrachten en in 1906 vereert de Franse regering hem met de officiersrozet van het openbaar onderwijs.

In de vriendenkring van Charles Bernier neemt de dichter Emile Verhaeren (Sint-Amands, 1855 – Rouen, 1916) een heel bijzondere plaats in. De twee hebben mekaar leren kennen in het voorjaar van 1899, wanneer de dichter voor het eerst een bezoek brengt aan de streek van Honnelles en Le Haut-Pays. Verhaeren stond op dat moment op de drempel van zijn Europese doorbraak en had nog maar net de oversteek naar Parijs gemaakt. Te Roisin, nabij L’Auberge du Caillou-qui-Bique, had hij een landhuis gevonden om de zomermaanden door te brengen. Tot aan de Eerste Wereldoorlog is hij er een regelmatige gast. Bernier heeft een grote bewondering voor de dichter. Zo heeft hij zijn vriend bij verschillende gelegenheden geportretteerd. Doorheen deze Verhaeren-portretten heeft Bernier zichzelf werkelijk overtroffen. In zijn beste werken is hij er in geslaagd om de traditionele realistische weergave te overstijgen en er een zekere psychologische diepgang in te leggen: het zijn portretten met een ziel en een karakter. Zijn "De dichter Emile Verhaeren" (1904) of "Verhaeren, de ogen neergeslagen" (1903) roepen ontegensprekelijk het beeld op van de dichter van het ongrijpbare, verzonken in gedachten. Zijn interpretatie van de Verhaeren-buste van Charles Vanderstappen (1903) is werkelijk zeer sterk en zijn "Verhaeren in kapmantel, rugwaarts", een ets naar Constant Montald (1909), is eveneens zeer raak in beeld gebracht. Verhaeren met zijn indrukwekkende snor was ontegensprekelijk een heel dankbaar en lucratief model voor Bernier: in 1908 werd er reeds melding gemaakt van tien verschillende Verhaeren-portretten.

Deze tentoonstelling brengt een veertigtal etsen, tekeningen en aquarellen met portretten van Verhaeren samen. Sommige van deze etsen worden getoond met de verschillende staten waarin zij gecreëerd werden. De meeste van deze werken zijn in bezit van het Verhaerenmuseum, maar er zijn ook bruiklenen uit privé collecties. De catalogus en de tentoonstelling kwamen tot stand in samenwerking met de gemeente Honnelles.
 
 
 
Prov. Museum E. Verhaeren - Verhaeren-portretten van de Waalse kunstenaar Charles Bernier - 04.03.2016 - 01.05.2016
 
 
 
 
 
 
 

4661 - 20160828 - G.D. LUXMBOURG-LUXEMBOURG - Fiona Tan - Geography of Time - 20.02.2016-28.08.2016

.

Fiona Tan : Nellie, 2013 (détail), Installation vidéo, durée : 3 min. 9 sec. © Courtesy l'artiste et Frith Street Gallery, Londres

The work of Fiona Tan, with its characteristic visual richness and singular temporalities, examines complex issues such as the relationship between personal and collective history, the presence of the past in the present, the intertwinement of memory and forgetfulness, and the porous nature of identity. As epitomized by Vox Populi, a series of works each consisting of several hundreds of photographs borrowed from the family albums of inhabitants of a given city or country, these concerns revolve essentially around the question of the gaze – the way in which we look at images and, through them, at the world that surrounds us, but also the way in which images, like mirrors, sometimes seem to look back at us.

The exhibition Geography of Time, which brings together ten works made between 2000 and 2013, highlights the importance in the artist’s practice of the intimate links that connect individuals to the space and time they inhabit. The works in this survey, evoking diverse influences such as historic Dutch painting or modern photographers such as August Sander, encourage viewers to reconsider the very idea of portraiture as a fixed entity and focus instead on its permeable, evasive and evanescent dimension. Whether imaginary or real, the protagonists around which Fiona Tan constructs her video installations are often at the centre of the image, as in the six filmed portraits of inhabitants of Amsterdam that form Provenance, or in Nellie, a portrait of Cornelia van Rijn, Rembrandt’s illegitimate daughter, who emigrated to Indonesia at the age of sixteen. In other works, their presence becomes manifest through their absence, as in Inventory, which combines sequences shot inside Sir John Soane’s Museum in London.

Fiona Tan describes time as ‘both a tool with which to shape and chisel, and a material to fold, distort and configure’. Each of the works in this exhibition offers one possible manifestation of this approach to time. As the essence of the videographic or photographic medium, time is considered in its subjective nature – through its lapses, omissions, reoccurrences, slow motions, repetitions, discrepancies, simultaneities, and coincidences. This ‘geography of time’ is inscribed in the very form of Fiona Tan’s works, the editing of her video installations, their spatial and architectural dimensions, the ambiguous relationships they establish between the still and the moving image (which the artist refers to as ‘photographic moments’), and the gaps they open up between image and sound.

Fiona Tan was born in 1966 in Pekan Baru, Indonesia. She lives and works in Amsterdam.




MUDAM - Fiona Tan - Geography of Time - 20.02.2016 - 28.08.2016
 
 
 
 
Website & source : MUDAM     FR - EN - DE
 
Website : Luxembourg    FR - EN - DE
 
 
 
 

2016-01-27

4660 - 20161231 - BELGIË-OOSTENDE - Patrick Corrillon - ‘Le vraie Mu.ZEE imaginaire’ - 01.01.2016-31.12.2016

.

 
Het echte « Mu.ZEE imaginaire » 

Gedurende het volledige jaar 2016 zal Patrick Corillon interveniëren binnen en buiten de muren van Mu.ZEE, het museum voor moderne en hedendaagse kunst van Oostende. Hij zal een originele blik werpen op de museumcollecties a.h.v. volgende realisaties:

1 / accrochages van schilderijen en prenten uit de collectie, opgevat als poëtische wandelingen in de museumruimte. Elk seizoen (lente, zomer, herfst, winter) zal een nieuwe presentatie de toeschouwer toelaten om in de intimiteit van de werken te duiken met een van fantasie vervulde blik.
Bepaalde virtuoze schilders zetten zo’n kracht op hun penseel dat dit zijn haren kan verliezen. Vastgehecht op het doek in een gebogen, tegennatuurlijke positie hebben die haren mettertijd de neiging om weer een rechte stand aan te nemen. De operatie, die tot dertig jaar kan duren, brengt in het algemeen fijne barsten in de oppervlakte van het schilderij met zich mee.

2 / de uitgave van een boek “de zwevende beelden”, dat de avonturen zal vertellen van een jonge kunstliefhebber op ontdekking in de reserves van het museum. Een dertigtal werken zullen gereproduceerd worden en zullen dienen als kader voor het verhaal.
Ook al is het verschijnsel onzichtbaar met het blote oog, zijn bepaalde bijzonder stralende schilderijen omgeven door een wolk van minuscule gekleurde stofdeeltjes. De liefhebbers van schilderkunst worden er meestal door bedekt omwille van hun grote nabijheid bij deze werken. Soms verspreiden ze die rondom hen door de heftige, levendige gebaren die ze maken voor hun vrienden bij de beschrijving van het meesterwerk dat ze zonet gezien hebben.    

3 / het bezoek van een virtueel museum op de website van het museum. Van 1 januari tot 31 december 2016 zal het “Oskar Sertimuseum” elke week het relaas brengen van één specifiek voorwerp dat aan Oskar Serti heeft toebehoord. Deze Hongaarse schrijver uit het begin van de 20ste eeuw verwachtte van de cultuur dat zij hem zou helpen om evenzeer een goede hoofdrolspeler als een goede toeschouwer te zijn van zijn leven. Oskar Serti is een imaginair personage dat zeer sterk gelijkt op bepaalde “internationalistische” schrijvers, zoals Joseph Roth en Stefan Zweig, die bijdroegen aan de hoogtijdagen van Oostende in de jaren dertig.
Op 27 januari 1925, in het Museum voor Schone Kunsten van Oostende, viel Oskar Serti’s blik toevallig op zijn rechterhand, die hij achteloos op een lege sokkel had gelegd. Ineens had hij de merkwaardige sensatie dat de hand niet bij zijn lichaam hoorde. Gelukkig verdween die indruk zodra een suppoost plompverloren een marmeren buste op de sokkel zette zonder op de vijf vingers van een in gedachten verzonken bezoeker te letten.

4 / performances die de museumcollecties vertegenwoordigen. Deze theaterperformances, gebaseerd op de museumcollectie, zullen gebracht worden in theaters of in auditoria van musea (in Vlaanderen, in Brussel en in Wallonië).
“Ik ben alleen maar een beeld. Wanneer ik naar mezelf kijk in de spiegel, geloof ik dat het diegene voor mij is, die echt is; wanneer ik naar het theater ga, zeg ik tegen mezelf dat het dat wat op scène te zien is, dat echt is, en dat ik maar een schaduw van een in het donker gezeten toeschouwer ben. En wanneer een schilderij in een tentoonstelling mij aanspreekt, heb ik de indruk dat ik er integraal deel van uitmaak.”  



 
Mu.ZEE - Patrick Corrillon - ‘Le vraie Mu.ZEE imaginaire’  - 01.01.2016 - 31.12.2016




Website & source : Mu.ZEE   NL - FR - EN - DE
 
 
 


         

4659 - 20160501 - DEUTSCHLAND-HERFORD - Brutal Beauty - Violence and Contemporary Design - 07.02.2016-01.05.2016

.


Whether in political conflicts or conflicts in everyday life – the subject of violence is ever-present. Against the background of international terrorism and the current streams of refugees from war zones, the subject is more topical than ever.
But how do designers deal with violence? What responsibility do they bear, and which possibilities for action do they open up in this highly dynamic process? Marta Herford introduces a whole new generation of designers whose designs and strategies are making violence visible in order to take a stance against the often devastating worldwide developments now and in the future. They are no longer concerned solely with the design of the perfect product, but rather with shaping social processes. As an engine for participation or inclusion, design can thus be understood as the opposite to submission (Vilém Flusser).

The exhibition also points up the dark side of design. Although design is meant to serve humans in a wide variety of ways, if we look more closely, violence and design are like Siamese twins. Because, at the latest in the production stage, a material is – brutally – forced into a particular shape. In addition to this, a lot of product developments have military origins. The ugly face of design is ultimately exposed when things are no longer usable and have to be disposed of.

The Belgian design expert Max Borka (Berlin) serves as an advisor to the Marta team for “Brutal Beauty”, the scenography for the exhibition is designed by Matthias Megyeri (Stuttgart/London).




Marta Herford - Brutal Beauty - Violence and Contemporary Design - 07.02.2016-01.05.2016
 
 
 
 
 
 
 
 
 

2016-01-20

4658 - 20160522 - BELGIË-LEUVEN - Perelle & zonen - 23.01.2016-22.05.2016

.
 
PERELLE & SONS  - LANDSCAPE ENGRAVERS

Perelle and his sons specialized in engravings of landscapes. Their extensive oeuvre, produced in the seventeenth century, continued to be printed until the eighteenth century.

In the Prints Room at M, you can discover their elegant landscapes with vast, magnificent skies, crumbling ruins, woods, little huts, harbours and sailing ships. French castles surrounded by parks and fountains appeal to the imagination, while the little figures bring the tableaux to life.



 
Museum M - Perelle & zonen - 23.01.2016-22.05.2016
 
 
 
 
Website & source : Museum M   NL - FR - EN
 
Website : Leuven   NL - EN - FR - DE
 
 
 
 

4657 - 20160313 - DEUTSCHLAND-BREMEN - Last Year in Marienbad. A Film as Art - 14.11.2015-13.03.2016

.
 
Georges Pierre, Last Year in Marienbad, 1960, Sammlung des Österreichischen Filmmuseums, Wien
© Georges Pierre / Laurence Pierre-de Geyer, Foto: Österreichisches Filmmuseum, Wien

The 1961 film Last Year in Marienbad (L’Année dernière à Marienbad), directed by Alain Resnais, wrote history: more radically than any previous film, Resnais’ cinematic adaptation of Alain Robbe-Grillet’s avantgarde nouveau roman broke with traditional structures of time, place and causality. This pioneering, ultramodern work plays with an artistic language in which style itself becomes content, expressed through geometrical forms, architectural lines and repetitive compositional principles.
Internationally acclaimed, the Marienbad film defined an understanding of art that has affected all artistic areas and one that remains relevant to the present day.


The exhibition "Last Year in Marienbad: A Film as Art" for the first time demonstrates the influence of the nouvelle vague aesthetic on the visual arts and will provide visitors with an understanding of its lasting international relevance. The Kunsthalle Bremen presents exceptional works of art from the beginning of the twentieth century to the present day (including Eugène Atget, Giorgio de Chirico, René Magritte, Gerhard Richter, Howard Kanovitz, Cindy Sherman, Robert Longo, Jeff Koons, Vanessa Beecroft, David Claerbout, Yang Fudong, Pablo Bronstein and Kota Ezawa) which will be supplemented by examples from pop culture and fashion.





Kunsthalle Bremen - Last Year in Marienbad. A Film as Art - 14.11.2015-13.03.2016
 
 
 
 
 
Website : Bremen   DE - EN - FR - NE ......
 
 
 

 

2016-01-13

4656 - 20160529 - BELGIË-GENT - Shame - 31.10.2015-29.05.2016

.


That which we wish to keep hidden, becomes visible. That of which we do not wish to talk, becomes public. From taboo to embarrassment, from primness to awkwardness, from blushing to guilty pleasures: this exhibition sheds light on shame, a feeling which is difficult to grasp, yet omnipresent. It catches us by surprise, at the least expected moments and for the most diverse reasons: when we say something unseemly in public, or because of the smaller or larger imperfections of the body. But we also feel shame about poverty or psychological problems. Whether we want this or not, shame has an influence on everything we do.

Just like the reasons for being ashamed differ, shame also differs according to a person’s character, the times in which people live and the place they find themselves in. Shame is a personal as well as a social phenomenon: each person, but also each culture, deals with it in a different way. The exhibition Shame explores this field along different lines: by means of objects from other cultures, historical psychiatric documents or actual witnesses. Modern and contemporary artists represent this feeling in paintings, sculptures, photographs and video.

Chantal Akerman, Francis Alÿs, Alioune Bâ, Sarah Baker, Michael Borremans, Claude Cahun, Tom Callemin, Robert Capa, Roy de Villevoye, Jim Dine, Desiree Dolron, Marcel Duchamp, Tracey Emin, Gao Brothers, Marc Garanger, Siebe Wiemer Glastra, George Grosz, Seymour Jacobs, Gert Jochems, Nicolas Karakatsanis, Willy Kessels, Meiro Koizumi, Frans Masereel, Paul McCarthy, Boris Mikhailov, George Minne, Lauren Moffatt, Hans Op de Beeck, Pablo Picasso, Auguste Rodin, Félicien Rops, Tammo Schuringa, Jan Sluijters, Miroslav Tichý, Patrick Van Caeckenbergh, Philippe Vandenberg, Jan Van Imschoot, Ina van Zyl…



 
Museum Dr. Guislain - Shame - 31.10.2015 - 29.05.2016
 
 
 
 
 
Website : Visit Gent   NL - FR - EN - DE - ES
 
 

4655 - 20160306 - NEDERLAND-AMSTERDAM - Isa Genzken: Mach Dich Hübsch! - 29.11.2015-06.03.2016

.

Isa Genzken, “Nofretete”, 2014, 7 Nefertiti plaster busts with glassed on wooden bases, wooden plinths on casters and 4 steel panels, each 190 x 7 x 40 x 50 cm, installation dimensions variable, Courtesy Galerie Buchholz, Cologne/Berlin/New York, David Zwirner, New York/London and Hauser & Wirth

Largest retrospective ever in the Netherlands of one of the most influential artists of the last forty years. The exhibition is the first comprehensive retrospective of Isa Genzken’s work.

Isa Genzken (1948) is an artist prepared to risk everything in her pursuit of artistic renewal. Her oeuvre is rooted in the medium of sculpture, and is distinguished by a constantly evolving visual language and the unconstrained use of media. Genzken’s work encompasses sculpture, installation, film, video, painting, work on paper, collage, and photography. In the 1970s, she produced computer-designed sculpture in relation to American Minimalism and Conceptual Art. These sculptures were followed by one radical step after another.
 
The innovativeness and inventiveness of her work, rich in autobiographical elements and subtle comments on society, serve as a reference point and source of inspiration for generations of artists and art lovers. The survey at the Stedelijk presents a broad spectrum of Genzken’s work, from her early films, drawings, ellipsoids, and concrete sculptures to complex narrative collages and assemblage-tableaux integrating everyday objects, which over the last ten years brought a renewed sense of urgency to her work.
 
The exhibition, which occupies both the upper galleries of the new wing and half of those of the Stedelijk’s historic building, offers a dynamic framework for Genzken’s unorthodox vision of the world around us. The presentation highlights themes such as modernity, the human body, the portrait, urban culture, and architecture.
 
Beatrix Ruf, director of the Stedelijk Museum, says about the artist: “Radically inventive in her oeuvre since her early computer-calculated abstract sculptures in the mid-1970s to the assemblages of her latest body of work, Isa Genzken has proven to be one of the most influential artists challenging her artistic media and continuously redefining their aesthetics. Genzken is an unstoppable inspiration for many artists, especially for recent generations. This exhibition in the Stedelijk Museum – one of the most extensive surveys ever presented in an institution – will present an important figure who has an enormous influence on the young artists with whom the Stedelijk has close relationships. The exhibition underlines the Stedelijk’s mission to acquaint significant artistic figures with a larger audience.” The Stedelijk Museum first acquired work by Isa Genzken in 1985, and recently purchased the painting Zwei Lampen (1994), which was the first artwork Beatrix Ruf acquired for the Stedelijk collection.
 
 
 
 
Stedelijk Museum - Isa Genzken: Mach Dich Hübsch!  - 29.11.2015 - 06.03.2016
                                    
 
 
 
 
 
 

2016-01-06

4654 - 20160306 - BELGIË-BRUGGE - Mythical Primitives: the Gothic revival in the 19th century - 21.11.2015-06.03.2016

.


This exhibition, consisting of 6 paintings from the Groeninge collection, supplemented by 9 loans from Belgian as well as international collections focuses on the stylistic revival and thematic fascinationand with the Flemish primitives so prominent during the 19th century.

This romantic attachment for the art of medieval Flemish painting must be seen within the general context of a Gothic revival that spread across all Europe. In our region, this renewal of interest concentrated primarily on the life and works of Jan van Eyck and Hans Memling. Bruges artists such as Edmond Van Hove and Eugène Legendre were clearly inspired by their great predecessors. In terms of choice of materials, style and composition, they attempted to match the example set by the medieval masters. At the same time, a number of romantic anecdotes and legends about Van Eyck, Memling and the other Flemish Primitives were 'rediscovered' and served as inspiration for the paintings and engravings of artists like Joseph Ducq, Jean-Baptiste Madou, Edouard Wallays and Henri Dobbelaere. These genre pieces and historical tableaux offer an anecdotal and often sentimental image of the past.




Groeningenmuseum - Mythical Primitives: the Gothic revival in the 19th century -
21.11.2015 - 06.03.2016
 
 
 
Website & source : Musea Brugge  NL - FR - EN - DE - ES
 
Website : Brugge  NL - FR - EN - DE - ES
 
 

4653 - 20160215 - FRANCE-PARIS - Lucien Clergue - Les premiers albums - 14.11.2015-15.02.2016

.

Lucien Clergue, jeune gitan portant la statue de Sainte Sara, les Saintes Maries de la mer 1959 © Atelier Lucien Clergue

How did Pablo Picasso decide to sponsor this young man, not yet twenty, as he introduced himself to him at the end of a corrida in Arles to show him his photographs? The answer lies in Lucien Clergue’s first albums, which remained unknown until his recent death at the age of 80 on the 15th November 2014. They comprise advertising sample catalogues originally designed as support for fabrics, tiny colour pictures, blank white pages that the artist claimed and on which he pasted his black and white photographs instead. The unusual intensity and sensitivity that emanate from the whole are astonishing, blending solemnness, the staging of people, still lifes, documentaries, ruins and nudes. Through these three leading albums compiled over two essential years, Lucien Clergue’s entire career is already set.

Realising before others the dominant position that photography is about to take, he is one of the first European photographers to believe that he could make a living from selling his prints in the future. Throughout his life he campaigned for the growing recognition of photography. He then prioritised his formal research to the point that he would hide his extraordinary documentary on the gypsies of Camargue for many years, so as to avoid being mistaken for a photojournalist. This essential and new creativity soon led him to the Museum of Modern Art in New York, where hardly any French photographers had exhibited. He is 27 at the time. His activity as a photographer was at the heart of his everyday surrounding, working only with broad daylight (powerful and intense), water, sand, the sea, life, death, the female body, the biological evolution of the earth or corrida and its deified bulls. The Camargue and the Alpilles, omnipresent in his art, were the backdrop of his solitary work.

Arles, an isolated city, torn by the Second World War, was promising to become a place for the creation of great European festivals, celebrating culture and festivities once again. It proved auspicious for Lucien Clergue’s fulfilment as an artist. He later became famous thanks to his generous nudes.




Grand Palais - Lucien Clergue - Les premiers albums - 14.11.2015 - 15.02.2016
 
 
 
 
Website & source :  Grand Palais   FR - EN - DE .....
 
Website : Paris   FR - EN -ES
 
 
 

2015-12-29

4652 - 20160228 - BELGIË-DROGENBOS - Werner Cuvelier - 22.11.2015-28.02.2016

.


Werner Cuvelier (° 1939) is een pionier van de Concept Art in België. Sinds de jaren zestig werkt hij aan een rijk oeuvre, dat vaak vertrekt van het – schijnbaar objectief – ordenen, catalogeren en inventariseren van allerlei feiten en gegevens.

Hoewel zijn werk er vormelijk homogeen uitziet, zijn er binnen zijn œuvre twee grote tendenzen te onderscheiden. Enerzijds maakt Cuvelier ‘diagramwerk’ gebaseerd op statistieken en data die hij verzamelt, vanuit zijn drang om te ordenen en gevoed door zijn passie voor geschiedenis en wetenschap.
Anderzijds creëert de kunstenaar - eveneens geometrisch - werk,  dat resulteert uit vormelijke verwerkingen van zijn levenslang onderzoek naar de Gulden Snede.
Vanuit deze twee totaal verschillende invalshoeken ontstaan schilderijen, beelden, maar ook schetsboeken en notities, die zijn eindeloze zoektocht naar wetmatigheden in beeld brengen.
Tot op vandaag werd bijna uitsluitend de conceptuele insteek van Cuveliers werk in de kijker gezet. Het FeliXart Museum wil daarom in een selectief overzicht een volledig beeld bieden van zijn œuvre, waarbij, naast het conceptuele werk ook aandacht besteed wordt aan de werken die het resultaat zijn van puur formele onderzoeken.



 
FeliXart Museum - Werner Cuvelier - 22.11.2015 - 28.02.2016
 
 
 
 
 
 
 

4651 - 20160124 - DENMARK-KOBENHAVN - A Beautiful Lie - Eckersberg - 08.10.2015-24.01.2016

.


Explore C.W. Eckersberg’s perfect miniature worlds in a sterling selection of works by this versatile master, whose beautiful lies are as striking today as they were 150 years ago.

At first glance Christoffer Wilhelm Eckersberg’s works look like one-to-one representations of the real world. But in fact he adjusted and arranged things, taking out all the unsuitable bits to create a specific mood or tell a particular story. This exhibition homes in on Eckersberg’s constructed, perfect miniature worlds – on the beautiful lie.

Striving for the perfect picture
The exhibition focuses on one of the leading figures of the Danish Golden Age of art and on his striving for the perfect picture. You will get to explore every aspect of this truly unique figure on the Danish art scene – the man that has been called the father of Danish painting.

Meticulous attention to detail, stringent soberness, and careful observation are all typical traits of Eckersberg.

The exhibition gives you , who made such a profound impression on Danish art. As you journey through five distinct themed areas you get to explore how Eckersberg depicts epic tales and everyday scenes and how he became able to make naked bodies appear so lifelike on the canvas.

The exhibition looks into how Eckersberg depicts
natural phenomena, and how he adjusts reality in his images. It also considers Eckersberg’s ability to capture the external and internal features of his sitters.



 
National Gallery of Denmark - A Beautiful Lie - Eckersberg - 08.10.2015 - 24.01.2016
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

2015-12-22

4650 - 20160306 - BELGIQUE-NAMUR - Georges Lebrun - Maître de l'intime - 24.10.2015-06.03.2016

.

La Cafetière sur le poêle
Xhoffraix, ca 1903, huile sur carton, 53 x 29 cm. Coll. Musées de Verviers, inv. PIR-1943-452
 
 
Georges Le Brun, né à Verviers en 1873 et mort en 1914, fait partie des êtres singuliers qui rendent le symbolisme belge si original. Son œuvre se situe sur le versant intimiste de l’art, imprégné des louanges du quotidien…
 
A l’âge de 20 ans, Georges Le Brun présente une œuvre au Salon triennal de Bruxelles mais est refusé. Il s’inscrit alors à l’université libre de Bruxelles en médecine. Quittant subitement la capitale, il s’isole de 1894 à 1903 dans les Hautes Fagnes, en Ardenne. Il met en scène les activités du monde paysan auquel il s’intègre, tout en participant à diverses expositions dont celles de La Libre Esthétique. En 1895, il s’inscrit quelques mois à l’académie des Beaux-Arts de Bruxelles pour finalement revenir vers la campagne. Il voyage en Hollande (1897) et en Italie (1900) où il visite un grand nombre de musées. Il collabore à la revue L’Art moderne de 1903 à 1908. En 1904, il se fixe dans la bourgade de Theux avec sa famille qui constitue alors, pour un temps, le principal sujet de son travail artistique. Enfin, vers 1910, Le Brun renoue avec les paysages des hauts plateaux ardennais et ses activités rurales. La carrière de Le Brun s’arrête brutalement sur le front de l’Yser en 1914. Quelques années plus tard, certains critiques d’art voient en Georges Le Brun le chef de file d’une « école de Verviers», dont d’autres artistes liégeois tels Derchain ou Pirenne feraient partie.
Georges Le Brun, quasiment autodidacte, a diversifié les techniques de dessin et de peinture, restant cependant fidèle à son interprétation intime de la réalité quotidienne. Son travail fut repris dans de nombreuses expositions collectives portant sur le symbolisme ou le dessin. Il est collectionné par de grands musées dont le musée d’Orsay qui prête deux œuvres à l’occasion de la rétrospective à Namur
Grâce aux nombreux prêts de collectionneurs privés et d’institutions muséales, dont le musée communal de Verviers, l’exposition présente plus de soixante œuvres montrant les différentes phases de la vie et de la carrière de l’artiste. Des documents et publications complètent l’image de cet homme qui décline un univers fait de gestes anodins dans un climat propice à la méditation.
Le catalogue publié aux éditions Liénart (Paris) inclut de nouvelles recherches scientifiques sur l’artiste ainsi qu’un recensement actuel de son œuvre peint et dessiné.
 
 
 
 
Musée Félicien Rops - Georges Lebrun - Maître de l'intime - 24.10.2015-06.03.2016
 
 
 
 
 
 
 

 
 
 

4649 - 20160228 - SPAIN-MADRID - Andrzej Wróblewski - Recto/Verso - 17.11.2015-28.02.2016

.

Andrzej Wróblewski, Szofer (Szofer niebieski) [Chauffeur (Blue Chauffeur)], 1948, Private collection, Warszaw © Courtesy Andrzej Wróblewski Foundation
 
Andrzej Wróblewski (1927–1957) is, despite his short life, one of the most important Polish artists of the 20 th century. This exhibition, the first retrospective held outside his country, enables his work to be contemplated in a way that goes beyond the reductionist clichés of socialist realism or Outsider Art, through which art from countries in the Soviet sphere of influence has been studied until recently. Wróblewski was an artist that could work on the borders between abstraction and figuration, combining formal invention with the analysis of daily life and its limits – the degradation of war and dictatorial politics – by means of a profound human and political commitment.
The exhibition focuses on his double-sided paintings (painted on both sides: recto and verso), and presents mainly two different periods of his work: its beginnings at the end of the 1940s as he searched for his own painterly language, and the very end, when, disillusioned with the politics of real socialism, he attempted to redefine his work, both formally and thematically.
The exhibition is co-organised by the Muzeum Sztuki Nowoczesnej, Warsaw, in collaboration with the Andrzej Wróblewski Foundation and Culture.pl.
 
 
 
 
Museo Nacional Centro de Arte Reina Sofía - Andrzej Wróblewski - Recto/Verso - 17.11.2015-28.02.2016
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

2015-12-16

4648 - 20160327 - BELGIË-ANTWERPEN - LE BRUIT DES CHOSES. 50 jaar Middelheim Promotors - 24.10.2015-27.03.2016

.
LE BRUIT DES CHOSES. 50 jaar Middelheim Promotors
 
Een halve eeuw Middelheim Promotors geschetst in 50 objecten.
“Kom, we gaan iets doen voor het Middelheim! Het Middelheim heeft steun nodig!”
(mede-bezieler van het eerste uur, Fernand Bertrand, in 1965)
 
50 jaar geleden sluimerde het Middelheimmuseum als een ‘schone slaapster’ in het Antwerpse cultuurlandschap. Geïnspireerd door de Gentse ‘Vereniging voor het museum voor hedendaagse kunst’, bundelen een televisieproducer van het programma Kunstzaken op de BRT, een medewerker van het Rubenshuis en een bankdirecteur de krachten. Ze hebben één doel voor ogen: de schone slaapster wekken en de verzameling van het openluchtmuseum uitbreiden en in de kijker zetten.
 
Ze noemen zichzelf graag promotors: van het Middelheim, maar ook van de hedendaagse kunst in het algemeen. En al gauw maakt de kersverse vereniging haar missie waar. Er worden kunstwerken aangekocht, edities uitgegeven en allerhande activiteiten opgezet. Tegenwoordig vormt de vereniging nog steeds een belangrijke steunpilaar voor de werking van het Middelheimmuseum.
 
Pieter Boons, curator van deze tentoonstelling, vertelt aan de hand van een selectie kunstwerken, documenten, foto’s en edities, het verhaal van een halve eeuw begeestering en het verschil dat ze kan maken. De 50 objecten intrigeren als voorwerpen uit een (ver) verleden, als voorwerpen die ooit leefden in de handen van hun makers, die beantwoordden aan de verbeelding van de artiesten, die de sporen van de tijd dragen. Uit de tentoonstelling blijkt hoe hecht en duurzaam de contacten met de kunstenaars waren, hoe de Middelheim Promotors voor velen onder hen een welkome hefboom waren om een breed publiek te bereiken.
 
De werken in de tentoonstelling zijn zodanig opgesteld  dat ze kunnen interageren met elkaar, met de bezoeker en met het museum; en al deze elementen spinnen dunne draden doorheen de poëtische ruimte van het Braempaviljoen. Even fijngevoelig, subjectief en persoonlijk is de afgelopen 50 jaar een mecenaat ontstaan dat het Middelheimmuseum op een duurzame en organische manier ondersteunt.
 
Uiteindelijk ontglippen ons de dingen in wat hun eeuwige stilte lijkt. Je wordt – hoe kan het ook anders – getroffen door het fascinerende raadsel van hun zwijgen. Niet door hun stilte. Want als al het geraas en gebral rond het ding is weggeëbd, als je niets meer kan vragen, als er niets meer te zeggen valt, dan pas kan het ding spreken. Het zwijgt zolang het niet gerespecteerd wordt. Het spreekt zolang er geluisterd wordt. En spreken, dat kan het ding: “le bruit des choses”, zo noemt Jean-Luc Vilmouth het. Het zijn geen woorden, het is geen taal, het is geen geluid, het is geen lawaai. Het is geruis. Het lavende geruis van de stille stroom der tijd.
 
Uit Beelden Lijnen, publicatie naar aanleiding van 25 jaar Middelheim Promotors,  Jo Coucke, 1991





 Middelheimmuseum - LE BRUIT DES CHOSES. 50 jaar Middelheim Promotors - 24.10.2015 - 27.03.2016
 
 
 
 
 
 
 
 
 

4647 - 20160207 - NEDERLAND-DEN HAAG - Ode to Dutch Fashion - 17.09.2015-07.02.2016

.

Max Heymans, Ensemble, ca. 1978-1985, zijde, kunststof.
Foto: Sabrina Bongiovanni, Art direction: Maarten Spruyt, Productie: Gemeentemuseum Den Haag

Famous names like Viktor & Rolf, Iris van Herpen and Jan Taminiau have placed the Netherlands firmly on the map as a country of idiosyncratic fashion talent. These and other Dutch designers attract international praise. High time, therefore, for an Ode to Dutch Fashion at Gemeentemuseum Den Haag, which has one of the most important fashion collections in the world. Never before has such a major exhibition showcasing the history of Dutch fashion been presented in the Netherlands.

Anyone who saw King Willem-Alexander’s coronation cannot fail to recall the dazzling blue creation – a Jan Taminiau design – worn by Queen Máxima. The Netherlands is home to a huge amount of creativity, and this has certainly not gone unnoticed abroad. Designers with their own strong signature have been particularly successful at rising above the crowd and gaining a strong reputation. Gemeentemuseum Den Haag is proud to present a well-deserved Ode to these designers this autumn, and to show how fashion has developed in this country since 1900.

Following international trends
In the seventeenth century the Dutch elite liked to appear in portraits dressed in dignified black. However, a closer look reveals more than fifty shades of black: from ‘crow black’ to ‘coal black’ and ‘glossy black’. From that time until well into the twentieth century the Dutch followed international fashion, sometimes adapted to their own taste. In the eighteenth century, for example, a great deal of blue silk was worn in the Netherlands, while the French preferred brighter colours like emerald green or lemon yellow. Fashion consciousness grew in the nineteenth century. The Dutch closely followed the latest international trends and the arrival of the luxury department store Hirsch (from Brussels) helped prompt the emergence of a real luxury goods industry towards the end of the century.

Idiosyncratic design
The first fashion designers to work under their own name in the Netherlands, like Joan Praetorius in the 1920s, continued to follow the lead of Parisian couture for a long time. Praetorius’ designs were admired for their ‘clean lines’ and also their ‘Dutch simplicity and quality’. After the Second World War a whole generation of Dutch designers emerged, including Max Heymans, Dick Holthaus, Frans Molenaar, Fong Leng and Frank Govers. In the 1960s they turned their attention away from Paris, developing their own distinct style, featuring lots of black-and-white, a keen eye for line and shape, and also explosions of colour and idiosyncratic touches. From then on, fashion design courses in the Netherlands, particularly in Arnhem, focused on concept. This resulted in a host of creative designers, who put conceptual Dutch design firmly on the international map in the 1990s.

Major annual fashion exhibition
Almost ten years ago the Gemeentemuseum presented an exhibition entitled Fashion NL about the young designers of the time. Since then, fashion has been a recurring theme in the annual schedule of exhibitions. ‘Gemeentemuseum Den Haag has a long tradition of presenting fashion, with a clear emphasis on Dutch fashion’, director Benno Tempel explains. ‘Frans Molenaar had a solo exhibition here in the 1980s, for example. But we also frequently work with major foreign fashion houses. This took quite a lot of effort in the beginning, but now they know us and come to us themselves. We recognise the importance of fashion and that is reflected in our exhibitions policy.’

Photography and design of exhibition
Ode to Dutch Fashion will feature more than a hundred creations from the history of fashion in the Netherlands from 1900 to 2015. The exhibition has been designed by Maarten Spruyt and Tsur Reshef. The accompanying catalogue will be published by Waanders & de Kunst, and will include articles by Bianca du Mortier, Pascale Gorguet Ballesteros, Madelief Hohé and Georgette Koning. The photographs are by Sabrina Bongiovanni, who has photographed the historical collection and modern designs in typically Dutch settings: on a dike, in a tulip field, and amid the bustle of the city.



Gemeentemuseum Den Haag - Ode to Dutch Fashion - 17.09.2015 - 07.02.2016
 
 
 
 
Website : Den Haag    NL - EN - FR
 
 
 

2015-12-09

4646 - 20160403 - BELGIË-TONGEREN - Gladiators - Heroes of the Colosseum - 24.10.2015-03.04.2016

.
 
Gladiators - Heroes of the Colosseum

What was it like to live as a gladiator? To know that every day could be your last? But at the same time to be cheered by an arena full of 50,000 people and adored by the most beautiful women in Rome. The Gallo-Roman Museum in Tongeren takes you back to the world of Ancient Rome, to the Colosseum, with its public executions, wild animals and hooligans, back to a time when the shedding of blood was a popular pastime!

‘Gladiators – Heroes of the Colosseum’ provides the most authentic look yet at the life, fears and euphoria of the gladiators. A barbaric world? Not for the Romans. To them the bloody battles symbolised the military successes that made their kingdom so great. The gladiators were… their heroes!

This exhibition takes you to the Colosseum in Rome, from the bleachers to the catacombs to inside the arena. Interactives, videos, drawings, scale models, gladiator figures and animals bring the experience to life. You can almost feel the sand between your toes.

The grand finale? A darkened room that immerses you in the euphoric atmosphere in the arena during the ultimate fight between two gladiators

The intriguing décor does complete justice to the centuries-old pieces. Expect to see absolute masterpieces. Authentic weapons, spectacular helmets and leg guards, narrative headstones, idols, wall paintings, musical instruments and even… Roman graffiti. The exhibition features a first-rate collection of exceptional pieces on loan from a variety of European museums.



 
Gallo-Romeins Museum - Heroes of the Colosseum - 24.10.2015 - 03.04.2016
 
 
 
 
 
 

4645 - 20161231 - FRANCE-PARIS - ¡ Picasso !, - 20.10.2015-31.12.2016

.

¡ Picasso ! ” , an unprecedented exhibition

The ¡ Picasso ! anniversary exhibition presented on the five floors of Hôtel Salé illustrates the continuity and deep unity of the collection and the history of the museum. The Musée National Picasso-Paris has the world’s largest public collection of Pablo Picasso’s work, covering all his creative periods and all fields, including “Picasso’s Picassos” straight from the artist’s studio. Pablo Picasso’s personal archives and the museum’s archives are at the heart of this exhibition project. They echo the masterpieces and, as most of them have never been exhibited before, give a different interpretation of the life, creative process and circulation of the master’s artworks
A large visual collage invites visitors to go on a tour of the five floors of Hôtel Salé starting with the history of the museum (basement), discover a chronological presentation of the major works (ground floor and 1st floor), then “Pablo Picasso – public figure” (2nd floor), and meet the “private Picasso” (3rd floor). This is a contemporary interpretation of Picasso’s works that alternates between rooms featuring dense displays and more intimate sequences.
 

The exhibition at a glance :

4 distinct parts: the history of the museum, the collection masterpieces, Picasso the public figure, Picasso the private figure
– 105 paintings (including 86 by Picasso)
– 92 sculptures (85 by Picasso) including 22 ceramic pieces, 13 objects and 1 textile artwork
– 192 graphic artworks (186 by Picasso) including 94 illustrations, 20 sketch books, 10 illustrated books, 62 prints and et 6 print matrices
– 190 photographs
– 1 contemporary installation
– 4 films and about 30 INA extracts
– 314 archives including 223 documents and correspondences, 38 periodicals, 31 publications and 22 objects


 
Musée Picasso Paris - ¡ Picasso ! - 20.10.2015-31.12.2016
 
 
 
 
Website : Paris     FR - EN - DE -NE - ES ......
 
 
 

2015-12-02

4644 - 20160228 - BELGIË-GENT - The Golden Age Revisited - 10.10.2015-28.02.2016

.

Melchior d'Hondecoeter, Water fowl (Watervogels), ca. 1686

The Museum of Fine Arts in Ghent owns a fine collection of paintings from seventeenth-century Holland, a period which our northern neighbours regard as a golden age of painting. But what is in this collection? When did it come about? And how?

To mark the 200th anniversary of the shortlived United Kingdom of the Netherlands, the City of Ghent will adorn itself in all shades of orange this autumn. The Museum of Fine Arts calls upon the public to take a fresh look at its remarkable collection of Dutch art, which was brought together at the turn of the twentieth century. The collection contains soms 60 works by artists as Frans Hals, Jan van Goyen, Willem Claesz. Heda, Albert Cuyp en Roelant Savery, making it one of the finest ensemles outside of the Netherlands.

The paintings will be displayed in a broader context. Surrounding them with drawings, engravings and objects gives the visitor a better understanding of the creative process behind the works. The restoration of works that have so far been kept in the reserves and new historical research have also yielded some surprises, such as the discovery of artists of whom little or no work had been known until today, or the fact that separate paintings turn out to be part of larger sets.

This new presentation forms the first stage in the rearrangement of the museum’s exhibition rooms, inviting visitors to discover, or rediscover, its collections.



 
MSK GENT - The Golden Age Revisited - 10.10.2015-28.02.2016
 
 
 
 
Website & source : MSK GENT   NL -FR - EN - DE
 
Website : Visit Gent    NL - FR- EN - DE -ES
 
 

4643 - 20160221 - DEUTSCHLAND-MÜNCHEN - AMELIE VON WULFFEN. PICTURES 2000–2015 - 23.10.2015-21.02.2016

.
 
Amelie von Wulffen
Untitled, 2015
oil on canvas, 100 x 80cm
© Amelie von Wulffen
courtesy Gió Marconi, Milan / Galerie Meyer Kainer, Vienna / Freedman Fitzpatrick, Los Angeles

Amelie von Wulffen (b. 1966 in Breitenbrunn/ Oberpfalz, lives in Berlin) became known for her large-scale wall pieces in which she combines drawings with painting, photography and cuttings from newspapers and magazines. While architecture, daily politics and biographical details from her own family have long been the main subjects of her oeuvre, she has dedicated recent series to the genre of portrait, among other things. She has developed specific painting techniques and an unusual rhetoric for these new works. Following solo exhibitions at the Centre Pompidou, Paris (2005), the Kunstmuseum Basel and Kunstverein Düsseldorf (2006), Kunstraum Innsbruck (2009) and at the Portikus in Frankfurt (2013), the Munich exhibition will, for the first time, take a closer look at Wulffen‘s broader understanding of the medium of painting that also embraces wall painting and furniture.


 
Pinakothek der Moderne - AMELIE VON WULFFEN. PICTURES 2000–2015 - 23.10.2015 - 21.02.2016
 
 
 
 

 

 
 
 


2015-11-25

4642 - 20160110 - BELGIË-DEINZE - Cosmogony - Annabelle Hyvrier & Xavier Noiret-Thomé - 24.10.2015-10.01.2016

.


Binnen het nieuwe concept van toonmomenten in het Museum van Deinze en de Leiestreek, SHOW-2, worden de twee hedendaagse kunstenaars Annabelle Hyvrier en Xavier Noiret-Thomé gepresenteerd. Respectievelijk beeldhouwster en schilder zijn ze met elkaar verbonden door hun Franse roots en hun zoektocht naar een perfect evenwicht tussen de natuurlijke materie en de artistieke ingreep.

De titel en het thema van de tentoonstelling is gebaseerd op een uittreksel uit Arthur Rimbaud’s Une saison en enfer uit 1873: "Je vais dévoiler tous les mystères: mystères religieux ou naturels, mort, naissance, avenir, passé, cosmogonie, néant. Je suis maître en fantasmagories." 

Het levenspad, met al zijn kruispunten en kronkels, loopt als een rode draad door het werk van Annabelle Hyvrier. Haar sculpturen zijn veelal het resultaat van een intens gevecht met een zorgvuldig gekozen en monumentaal stuk hout. Annabelle Hyvrier slaagt er evenwel in om de balans te vinden tussen haar boodschap en de materie. Ze heeft het zeldzame talent om een ruwe en kolossale monoliet om te vormen tot een intimistische sculptuur, die energie bewaart onder een fragiele schil. Daarnaast maakt ze ook complexe en veelledige multimedia-installaties, zoals het ensemble Ghost dat in deze tentoonstelling voor het eerst wordt getoond. Haar werk bevindt zich zowel in private als museumcollecties.

Xavier Noiret-Thomé is zowel iconofiel als iconoclast. Hij beschikt over een uitstekende kennis van de kunstgeschiedenis, en is steeds nieuwsgierig naar het ontdekken van andere kunstvormen. Zijn werk is doorspekt van verwijzingen naar het verleden, maar hij herhaalt niet. Integendeel, onvermoeibaar herwerkt en herdefinieert hij ze, legt hij de sterktes en zwakheden van de kunstgeschiedenis en de kunstkritiek bloot. Nog meer toont hij zich een rebel door kunsthistorische tradities van tafel te vegen en geen enkel compromis te sluiten met gangbare of opgelegde regels. De kunstenaar wil hiermee de toeschouwer uitnodigen om opnieuw en verder te kijken. In 2001 werd Xavier Noiret-Thomé bekroond met de Levis Prijs in de wedstrijd Jonge Belgische Schilderkunst, en als laureaat van de Académie de France in Rome verkreeg hij in 2005 een residentie in de Villa Medici. Hij nam reeds deel aan talrijke tentoonstellingen in binnen- en buitenland, en zijn werk bevindt zich in belangrijke verzamelingen.



Museum van Deinze en de Leiestreek - Cosmogony - Annabelle Hyvrier & Xavier Noiret-Thomé - 24.10.2015 - 10.01.2016
 
 
 
Website & source : Museum van Deinze en de Leiestreek
 
Website : Deinze
 
 
 
 

4641 - 20160228 - ÖSTERREICH-WIEN - The Women of Klimt, Schiele and Kokoschka - 22.10.2015-28.02.2016

.

Egon Schiele, Mother with two children III, 1917. Gouache and black chalk on paper, 150 x 159,8 cm © Belvedere, Vienna.

In the early twentieth century, the traditional relationship between the sexes was challenged by a number of social, economic, and philosophical changes. It was above all the incipient development towards gender equity that provoked vehement counter-arguments.
On the other hand, sexual liberation can be seen as a common goal of men and women, since they both sought to escape the restrictive moral taboos of the nineteenth century. Gustav Klimt, Egon Schiele, and Oskar Kokoschka – then the three most outstanding painters of Viennese modernism – approached the subject matter generally referred to as the ‘woman question’ from slightly different, albeit overlapping perspectives. The exhibition will present an in-depth exploration of these differences and similarities. Providing insights into the relationship between the sexes in the early twentieth centuries, the show will elaborate on the origins of a modern sexual identity.




Lower Belvedere - The Women of Klimt, Schiele and Kokoschka - 22.10.2015 -28.02.2016
 
 
 
 
 
Website : Wien   DE - EN
 
 


2015-11-18

4640 - 20160320 - BELGIË-LEUVEN - Sarah Morris - 19.10.2015-20.03.2016

.

 
Foto - Dirk Pauwels
 
Sarah Morris maakt schilderijen en films over de codes en machtsstructuren van een stad, het meest recent van Parijs, Rio de Janeiro en Peking. Haar werk bevindt zich ergens tussen popart, conceptuele kunst en geometrische abstractie.

In haar films behandelt ze onderwerpen zoals de Olympische Spelen, de parfumindustrie, luchthavens, reclame, prostitutie en het carnaval van Sambódromo. Ze tonen hoe macht, geld en consumptie het dagelijkse leven bepalen in wereldsteden, en confronteren je ook met grote tegenstellingen: arm versus rijk of vooruitgang versus verval
 
Haar schilderijen zijn grafische kleurcomposities bestaande uit lijnen, patronen en rasters. Daarin herken je details uit het straatbeeld: strakke voorgevels, wolkenkrabbers of gevels van banken.
 
Sarah Morris ontbloot structuren van grootsteden, van macht, van het kapitalisme, maar ook van alledaagse voorwerpen en modernistische gebouwen. 
In M presenteert ze haar eerste grote Europese solotentoonstelling sinds 2009, met vier films, een selectie van schilderijen en een grootse, nieuwe muurschildering op maat van M.
 
 
 
Sarah Morris makes paintings and films about the codes and power structures of particular cities, most recently of Paris, Rio de Janeiro and Beijing. Her abstract paintings might be described as ‘virtual architecture’, graphic colour compositions consisting of lines, patterns and grids. 
Morris treats a wide range of subjects, such as the Olympic Games, crowd control, the perfume industry, airports, advertising, prostitution and the carnival of Sambódromo. Her work is located at the intersection of Pop art, conceptual art and geometric abstraction. Since the mid-nineties, she has been exploring the complex field of tension between social space, identity and power
 
 
 
 
M - Sarah Morris - 19.10.2015-20.03.2016
 
 
 
 
Website & source : M   NL - FR - EN
 
Website : Leuven  NL - FR - EN - DE
 
 

4639 - 20160207 - DEUTSCHLAND-HAMBURG - Art Nouveau. The Great Utopian Vision - 17.10.2015-07.02.2016

.
 
Exhibition view. Photo: Dirk Fellenberg/Martin Luther

In its exhibition entitled “Art Nouveau. The Great Utopian Vision”, the Museum für Kunst und Gewerbe Hamburg (MKG), accompanied by a newly designed presentation of its existing Art Nouveau Collection, retraces an era which produced so much more than whimsically playful ornamentation. Art Nouveau defined itself via reform movements, visions and Utopian dreams aimed at renewing society. The special exhibition throws light on this cultural and historical background and development, drawing together the ideas linking Karl Marx‘s “Das Kapital” and Peter Behrens’s salon grand piano with symbols quoted from Friedrich Nietzsche’s “Zarathustra”. It shows reform movement robes, a solar bath for sun-worshippers, photographs of nudists playing sports in the open air or Loïe Fuller’s celebrated light dances. The arts take up the revolutionary changes affecting the private and social life of modern man, sketch new models for living and experiment with technical innovations. Gustav Klimt, Edvard Munch and Alfons Mucha reflect the many-facetted perceptions projected onto women. Ferdinand Hodler, Paula Modersohn-Becker focus on the child. And a constantly recurring source of inspiration is nature, especially in the applied arts. Art Nouveau also marks a hiatus for the museums of arts and crafts, which had up to then only shown examples from history. This is the period when they also begin to collect contemporary art. The new design of the

Art Nouveau collection of the MKG, today almost unparalleled, takes its cue from the first presentation which its founder Justus Brinckmann compiled in 1900 with the objects he had purchased at the Paris World Exhibition. In addition, with furniture and room ensembles by, among others, Henry van de Velde, Richard Riemerschmid, Charles Rennie Mackintosh or Carlo Bugatti, it illustrates the wide spectrum of aesthetic conceptions and formal language at the beginning of the 20th century. The project shows more than 350 works in all, including painting, sculpture, prints, photography, drawings, ceramics, glass art, book art, fashion, textile art, posters, historical films, scientific and medical-technical apparatus and models. Among the artists exhibited are Emile Bernard, Edward Burne-Jones, Peter Behrens, Carlo Bugatti, Mariano For-tuny, Loïe Fuller, Emile Gallé, Paul Gauguin, Karl Gräser, Josef Hoffmann, Gustav Klimt, Fernand Khnopff, René Lalique, Elena Luksch-Makowsky, Charles R. Mackintosh, Madame D`Ora, Louis Majorelle, Paula Modersohn-Becker,  William Morris, Alfons Mucha, Richard Riemerschmid, Dante Gabriel Rossetti, Louis C. Tiffany, Henry van de Velde. The exhibition was made possible through funding from the Ausstellungsfonds der Freien und Hansestadt Hamburg, the Hubertus Wald Stiftung and the Justus Brinckmann Gesellschaft. Created in Corporation with the Hamburger Kunsthalle. The digital content was made possible by the IT-Globalfonds of the Freien und Hansestadt Hamburg. The new adaption of Loïe Fullers “Danse Serpentine” was supported by the TANZFONDS ERBE (Dance Heritage Fund) – an initiative of the Kulturstiftung des Bundes (German Federal Cultural Foundation). We thank our Gallery sponsors Jutta and Joachim von Berenberg-Consbruch, Gabriele von Foerster, Edgar E. Nordmann and Christa and Nikolaus W. Schües for the newly designed presentation.




Museum für Kunst und Gewerbe Hamburg - Art Nouveau. The Great Utopian Vision - 17.10.2015 - 07.02.2016
 
 
 
 
 
Website : Hamburg    DE - EN